De invloed van reeën op je aanplant en hoe je ze weghoudt

R
Redactie Bomen en Mensen
Redactie
Dieren en Biodiversiteit · 2026-02-15 · 10 min leestijd

Je staat erbij en je kijkt ernaar. Net die ene prachtige appelboom die je vorig najaar plantte, met zoveel zorg, is nu afgeknaagd.

De bast is kaal, de takken hangen slap. Of erger nog: je jonge aanplant van hazelaar en meidoorn is compleet omver gelopen en opgegeten. De dader? Grote kans dat het een ree is.

Ze zien er schattig uit, die herten in de wei, maar in je voedselbos of permacultuur tuin kunnen ze een ware plaag zijn. Ze zijn dol op jonge, sappige scheuten en de zachte bast van fruitbomen. Dit artikel helpt je niet alleen om de schade te beperken, maar geeft je een complete, stap-voor-stap handleiding om je kostbare aanplant te beschermen en de reeën op een veilige afstand te houden, zonder ze direct kwaad te doen.

Waarom reeën jouw voedselbos zien als een buffet

Reeën zijn opportunisten. Ze zoeken het makkelijkste en lekkerste eten op.

Jouw zorgvuldig gekweekte fruitbomen en vaste planten zijn voor hen een smakelijke traktatie. Vooral in het voorjaar en de winter, als ander voedsel schaars is, worden ze extra creatief. Ze staan op hun achterpoten om bij de knoppen en jonge bladeren te komen.

In de winter knagen ze aan de bast van bomen, omdat de schors dan voedingsstoffen bevat.

Een jonge fruitboom van €15,- kan daardoor volledig verloren gaan. Het is niet persé kwaadwilligheid; het is pure overlevingsdrang. Ze weten precies waar de lekkerste en zachtste hapjes te vinden zijn. En als ze eenmaal weten dat jouw tuin een goed restaurant is, komen ze elke dag terug. Je moet ze dus een signaal geven dat het buffet gesloten is.

Leefomgeving van het ree

Om een plaag effectief te bestrijden, moet je weten wat het dier drijft. Reeën zijn schuwe dieren die rust en dekking zoeken. Ze houden van een afwisselend landschap met open plekken om te grazen en dichte begroeiing om in te schuilen.

Voedselbossen en permacultuur tuinen zijn voor hen ideaal: ze bieden zowel eten als beschutting.

Ze hebben een vast territorium en volgen vaste routes. Als jouw tuin langs zo'n route ligt, ben je een makkelijk doelwit.

Leefgebied van het ree of de reeënpopulatie

Ze zijn vooral actief in de schemering en 's nachts. Overdag rusten ze uit in de dekking van struiken of hoog gras. Door hun territorium en gewoontes te begrijpen, kun je je verdediging slim opzetten.

Reeën hebben een territorium van ongeveer 50 tot 150 hectare. Ze patrouilleren dagelijks langs vaste routes om hun gebied te controleren.

Jouw tuin kan zomaar een plekje langs zo'n 'reeweg' zijn. Ze zoeken niet actief jouw tuin op, maar als hun route erlangs loopt en er staat iets lekkers, eten ze het op. Ze zijn geen solitaire jagers, maar leven in kleine groepjes of als paren. Een groepje dat eenmaal heeft ontdekt dat het veilig en lekker is bij jou, zal dit doorgeven.

Populaties kunnen snel groeien als er geen natuurlijke vijanden of druk van jagers is. Vooral in gebieden met veel landbouw en natuurgebieden ertussen, zoals in delen van Nederland, kunnen aantallen hoog zijn. Dit betekent dat je niet één ree tegenhoudt, maar een heel territorium op afstand moet houden.

Stap 1: De juiste materialen verzamelen

Voordat je begint, zorg je dat je alles in huis hebt. Een goede voorbereiding is het halve werk en voorkomt dat je halverwege moet stoppen. Je hoeft niet meteen alles te kopen, maar zorg in ieder geval voor de basis.

De meeste kosten zitten in het hekwerk, maar dit is een investering die jaren meegaat.

Vergeet niet dat een enkele kapotte boom al snel €15,- tot €50,- kost, dus je verdient dit snel terug. Ga voor kwaliteit, want een slap of laag hek is je geld niet waard.

Stap 2: De fysieke barrière opzetten

Alleen vertrouwen op geur is een veelgemaakte fout. Reeën zijn slim en wennen snel.

Een fysieke barrière is de enige betrouwbare oplossing. Zonder hek blijf je achter de feiten aanlopen. De hoogte is cruciaal: reeën kunnen verbazingwekkend hoog springen.

Een hek van 1,5 meter is echt te laag. Ze springen er zo overheen.

Zorg dus dat je hek minimaal 1,80 meter hoog is, en bij voorkeur 2 meter.

Dit is de meest effectieve maatregel die je kunt nemen.

  1. Zet de palen: Graaf gaten van minimaal 60 cm diep voor elke paal. Zet de palen stevig in de grond met beton of grond. Zorg dat ze perfect recht staan. De afstand tussen de palen is maximaal 3 meter om doorzakken te voorkomen.
  2. Span het gaas: Bevestig het gaas strak aan de palen. Begin bovenaan en werk naar beneden. Zorg dat de onderkant van het gaas laag bij de grond komt, maximaal 5 cm erboven. Zo kunnen reeën er niet onderdoor kruipen. Zorg ook dat ze niet onder het gaas door kunnen graven; druk het gaas eventueel een stukje de grond in of leg een horizontale strook gaas op de grond.
  3. Maak de poort waterdicht: De poort is het zwakste punt. Zorg dat deze ook minimaal 1,80 meter hoog is en sluit goed aan op de rest van het hek. Een poort die 's nachts open blijft staan, maakt je hele verdediging nutteloos.
  4. Controleer op scheuren: Loop je hekwerk minstens één keer per maand na. Een klein gat is al genoeg voor een ree om binnen te komen. Repareer direct.

Stap 3: Combineer met geur- en geluidsafschrikking

Als je hek eenmaal staat, kun je het effect versterken met afschrikking. Dit zorgt ervoor dat reeën niet eens de moeite nemen om je hek te testen.

Combineer altijd met het hek, nooit zonder. Reken op een extra kostenplaatje van €10,- tot €30,- per jaar voor vloeibare afschrikking.

Zorg dat je de geur op de juiste plekken aanbrengt, vooral aan de buitenkant van het hek en op de routes die de reeën mogelijk volgen.

Volgende stap
Bekijk alle artikelen over Dieren en Biodiversiteit
Ga naar overzicht →
R
Over Redactie Bomen en Mensen

Expert content over voedselbos permacultuur bomen fruit natuur