Hoe maak je vloeibare plantenvoeding van brandnetels en smeerwortel?
Stel je voor: je loopt door je voedselbos, je knipt een paar brandnetels en een bosje smeerwortel van de rand van je permacultuur-paadje, en een paar weken later heb je een krachtige, gratis voeding voor al je fruitbomen en vaste planten. Dit is de magie van het zelf maken van vloeibare plantenvoeding.
Geen dure flessen uit de tuinwinkel, maar werken met wat de natuur je gratis geeft. In deze handleiding leer je precies hoe je van simpele brandnetels en smeerwortel een superfood voor je tuin brouwt. We gaan voor een gier die je planten sterker maakt, beter bestand tegen plagen en bovendien blijer maakt.
Het is een simpele, effectieve methode die perfect past in een permacultuur-levenstijl.
Klaar om je eigen brouwsel te maken?
Zelf brandnetelgier maken
Om te beginnen heb je natuurlijk brandnetels nodig. Voor een goede lading gier pak je ongeveer 1 kg verse, jonge brandnetels. Dit levert je ongeveer 10 liter pure gier op.
Je kunt ook kleiner beginnen: 500 gram brandnetels geven je 5 liter gier.
De jonge toppen, net voordat ze in bloei schieten, zijn het allerbeste. Ze zitten vol met mineralen en zijn makkelijker te verteren.
Je kunt ze makkelijk met een schaar of snoeischaar van je voedselbos knippen. Draag wel dikke handschoenen, die brandnetels zijn niet mis! Naast brandnetels is smeerwortel (Symphytum officinale) een gouden toevoeging.
Smeerwortel staat bekend om zijn rijke wortelstelsel dat diep de grond in gaat en mineralen omhoog haalt, vooral kalium en fosfor.
Je kunt een handvol bladeren of wortels van smeerwortel toevoegen aan je brandnetel-emmer. Dit maakt je gier extra rijk voor je fruitbomen en bessenstruiken. Het fijne van smeerwortel is dat het de bodemstructuur verbetert en de groei van planten stimuleert. Als je een permacultuur-tuin hebt, is smeerwortel vaak al aanwezig in de randen of als vaste plant.
Verder heb je water nodig. Gebruik bij voorkeur regenwater, dat is zacht en bevat geen chloor.
Kraanwater kan ook, maar laat het even een dagje staan zodat het chloor kan verdampen.
Je hebt ongeveer 10 liter water per 1 kg brandnetels nodig. Een simpele plastic emmer van 20 liter (bij bouwmarkten te koop voor €3-€5) is perfect. Zorg dat de emmer schoon is.
Gebruik NOOIT metalen emmers of metalen gereedschap om te roeren! Het zuur in de gier tast het metaal aan en dat verdwijnt in je plantenvoeding, wat schadelijk is. Ga voor plastic of hout.
Een klein geheimpje voor een beter gistingproces en minder geur: suiker. Ja, echt.
Ongeveer 500 gram suiker (of melasse) per 10 liter gier helpt de goede bacteriën en gisten enorm. Het geeft ze een energieboost waardoor de gier sneller en schoner gist.
Je kunt gewone bietsuiker gebruiken of rietsuiker. Dit is optioneel, maar als je in de buurt van je huis brouwt, is het een aanrader. Ook kun je gesteentemeel toevoegen (merken als Keramikos, of te koop bij Growshop De Kas en Osmo).
Dit mineralenpoeder neutraliseert de zure geur en verrijkt de gier met sporenelementen.
Ongeveer een flinke hand per emmer is genoeg.
Gistingsproces van brandnetelgier
Het hart van je zelfgemaakte voeding is het gistingsproces. Dit is waar de magie gebeurt.
Je stopt de brandnetels en smeerwortel in water en laat de natuur zijn werk doen. De gisten en bacteriën breken de plantenresten af en zetten ze om in makkelijk opneembare voedingsstoffen voor je planten. Je zult zien dat het water na een paar dagen begint te verkleuren en belletjes gaat vormen. Dat is een goed teken!
Het betekent dat het leven in je emmer actief is. De typische gistingsduur ligt tussen de 2 en 4 weken, afhankelijk van de temperatuur.
In de zomer, als het warm is, is het vaak sneller klaur.
In de koelere maanden kan het wel 4 tot 5 weken duren. Een dagelijks roer met een houten stok of plastic lepel helpt om zuurstof toe te voegen en de gisting actief te houden. Dit zorgt ervoor dat de gier minder gaat stinken en homogeen blijft. Roer je niet?
Dan ontstaat er een vieze, azijnachtige lucht en dat wil je niet in je tuin. Je weet dat je gier klaar is als de boel niet meer actief borrelt en de vloeistof donkerbruin tot zwart is geworden.
De bladeren zijn afgebroken en gezonken naar de bodem. De geur is nu minder scherp en ruikt eerder naar aarde of compost. Als je de emmer nu optilt, voelt de inhoud wat lichter aan dan in het begin.
Nu is het tijd om te oogsten! Je kunt de gier nog een weekje langer laten staan voor een sterkere werking, maar pas op dat het niet te zuur wordt.
De pH mag niet te laag zakken.
Effecten van brandnetelgier
Waarom zou je dit eigenlijk doen? Omdat brandnetelgier een echte power-booster is voor je planten.
Brandnetels zitten vol stikstof, wat zorgt voor weelderige groene bladeren. Maar ze bevatten ook silica, dat de bladcellen versterkt.
Dit maakt het blad harder en minder aantrekkelijk voor bladluizen en andere plagen. Je planten worden letterlijk weerbaarder. Smeerwortel voegt hier kalium en fosfor aan toe, essentieel voor de bloei en vruchtzetting. Denk aan je tomaten, komkommers en fruitbomen.
De werking is tweeledig: het is een voeding én een weerstandsversterker. Regelmatig sproeien (verdund!) zorgt voor een betere stofwisseling van je planten.
Je zult merken dat je tomatenplanten minder snel last hebben van bruine vlekken en dat je koolplanten steviger blijven. Voor je fruitbomen en bessenstruiken in de permacultuur is het een geweldige oppepper in het voorjaar, net als de eerste bladeren verschijnen. Ze krijgen direct de mineralen die ze nodig hebben om, mits je rekening houdt met de invloed van de pH-waarde op je fruitopbrengst, vruchten te ontwikkelen.
Een bijkomend voordeel is dat je de bodemgezondheid verbetert. Als je de verdunde gier over je grond giet, voed je niet alleen de plant, maar ook het bodemleven, wat essentieel is als je te maken hebt met verontreinigde grond.
De micro-organismen in de grond gaan harder aan het werk en zorgen voor een betere structuur en opname van voedingsstoffen.
Dit is het principe van 'voeden in plaats van bemesten', een hoeksteen van permacultuur. Je bouwt een levend bodem ecosystem op.
Niet voor alle planten geschikt!
Een waarschuwing is op zijn plaats: brandnetelgier is niet voor iedereen. Omdat het relatief rijk is aan stikstof, is het ideaal voor planten die veel bladgroen produceren.
Maar er zijn uitzonderingen. Je moet het niet geven aan peulvruchten. Bonen en erwten groeien namelijk in symbiose met bacteriën in hun wortels die stikstof uit de lucht halen.
Te veel stikstof uit gier remt dit proces juist. Ze doen het vaak beter met een kaliumrijke voeding, zoals gier van smeerwortel alleen. Vergeet ook niet om de bodemgesteldheid en kalkbehoefte in je voedselbos in de gaten te houden.
Ook uien en prei zijn gevoelig voor te veel stikstof, hoewel prei het vaak wel goed doet met een milde dosis. Het is een kwestie van uitproberen. Als je merkt dat je uien te veel blad ontwikkelen en niet bolvormen, stop dan met de gier. Houd het bij de klassieke toppers: tomaten, kool, selderij, komkommer.
Maar ook eenjarige bloemen en vaste planten doen er hun voordeel mee. Rozen zijn er dol op!
Ze worden sterker en krijgen mooier blad. Verder is het slim om de gier niet te gebruiken op planten die net gezaaid zijn of die nog heel klein zijn. De concentratie is te sterk.
Wacht tot de planten een redelijke grootte hebben bereikt, minimaal 15-20 cm.
En gebruik het nooit op planten die net geoogst gaan worden. De smaak kan anders worden beïnvloed. Wacht minimaal een week tot twee weken voor de oogst.
Brandnetelgier maken: zo doe je dat
Laten we nu de handen uit de mouwen steken. We gaan een emmer van 20 liter vullen.
Dit recept is gebaseerd op 1 kg verse brandnetels en 10 liter water, met een handvol smeerwortel. Zorg dat je alles bij de hand hebt voordat je begint.
Dit voorkomt dat je halverwege moet rennen voor een handschoen. Pak je snoeischaar en dikke handschoenen. Knip de brandnetels in stukken van ongeveer 10-15 cm. Je hoeft de stengels niet te verwijderen; de hele plant kan erin.
Stap 1: Brandnetels afknippen
Gebruik vooral jonge, frisse toppen. Ze zijn lichtgroen en nog niet houtig.
Als je brandnetels gebruikt die al bloeien (met zaadjes), zijn ze minder werkzaam. Dus knippen voordat de bloei echt doorzet. Gooi de stukken direct in een emmer of grote zak.
Neem je schone plastic emmer (20 liter). Stop de brandnetels en een flinke bos smeerwortel erin.
Stap 2: Prop een emmer vol brandnetelblad
Stop het er zo losjes mogelijk in, zodat er water tussen kan stromen.
De emmer mag vol, maar hoef je niet te persen. Ongeveer 2/3 vol met planten is prima. Als je 500 gram brandnetels gebruikt, heb je een emmer van 10 liter nodig.
Pas de hoeveelheden water en suiker hierop aan. Voeg nu ook de 500 gram suiker en een handvol gesteentemeel (bijv. Keramikos) toe.
Stap 3: Water toevoegen
Giet het water over de planten heen. Gebruik 10 liter water per 1 kg brandnetels.
De planten moeten onder water staan. Druk ze eventueel voorzichtig aan met een houten stok zodat ze geen luchtbelletjes vasthouden.
Als je regenwater gebruikt, is dat perfect. Kraanwater mag ook, maar laat het even een nachtje staan in een open emmer zodat het chloor kan verdampen. De temperatuur van het water maakt niet veel uit, koud is goed. Dek de emmer af.
Stap 4: Doe de deksel dicht
Gebruik een deksel, maar doe hem niet muurvast. Gisten produceren CO2, en die moet kunnen ontsnappen.
Een simpele plastic deksel die je er los op legt, of een stuk plastic met een paar gaten erin, is voldoende. Zet de emmer op een warme, schaduwrijke plek. Niet in de volle zon, want dat maakt de gisting te heet en agressief.
Een hoekje achter de schuur of in de kas is ideaal. Zet het ver van je huis als je de sterke geur wilt vermijden.
Stap 5: Giet de brandnetelgier in flessen
Na 2 tot 4 weken is je gier klaar. De boel ruikt nu naar aarde en is donkerbruin.
Scheid de vloeistof van het plantenmateriaal. Giet de vloeistof door een zeef (fijne tuinscherm of een oude theedoek) in een andere emmer. Het overgebleven slib is nog steeds super waardevol!
Gooi dit niet weg. Dit slib kun je gewoon op je composthoop gooien.
Het bevat nog veel voedingsstoffen en helpt je compost activeren. De vloeibare gier bewaar je in schone, afgesloten flessen of emmers.
Gebruik bij voorkeur plastic flessen. Zet ze op een koele, donkere plek, bijvoorbeeld in de schuur of kelder.
De gier is nu houdbaar voor een heel jaar. Als je de flessen af en toe open doet om te luchten, voorkom je dat de boel te zuur wordt. Je kunt de gier nu direct verdunnen of bewaren voor later. Nu komt het belangrijkste: het toepassen. Brandnetelgier is STERK.
Stap 6: Je eigen brandnetelgier gebruiken
Je moet het altijd verdunnen. Bron 1 adviseert een verdunning van 1:10 (1 liter gier op 10 liter water).
Bron 2 spreekt over 1:20. Als je de gier voor het eerst gebruikt, begin dan veilig met 1:20. Je kunt het water geven aan de voet van de plant of sproeien over het blad.
Als je sproeit, zeef de vloeistof dan fijn om je sproeikop niet te verstoppen. Sproeien doe je het beste 's avonds als de zon ondergaat.
Als je overdag sproeit en de zon schijnt op de druppels, kunnen je bladeren verbranden.
Bovendien verdampt er dan te veel. Geef je planten ongeveer eens per twee weken een boost tijdens het groeiseizoen. Let op: bij sterke regenbuien spoelt de voeding snel weer weg.
Wacht dan even met sproeien tot het weer droog is. En vergeet niet: wat je overhoudt, kan weer de compost in. Niets gaat verloren in een permacultuur-tuin.
Verificatie-checklist
Voordat je begint, loop deze lijst even na. Zo weet je zeker dat je niets vergeet en dat je veilig en effectief aan de slag gaat.
- Materialen: Plastic emmer (10-20 liter), handschoenen, snoeischaar, houten roerstok, zeef, plastic flessen.
- Ingrediënten: 1 kg jonge brandnetels, handvol smeerwortel, 10 liter water (regenwater of kraanwater), 500 gram suiker, handvol gesteentemeel (optie, merken Keramikos of Osmo).
- Veiligheid: Geen metaal gebruiken! Alleen plastic of hout.
- Plek: Een warme, schaduwrijke plek ver van je huis (vanwege de geur).
- Tijd: Reken op 2 tot 4 weken gistingsduur.
- Verdunning: Altijd verdunnen! 1:10 (sproeien) of 1:20 (water geven). Begin met 1:20.
- Toepassing: Sproeien in de avond of water geven aan de voet. Niet op bonen, erwten en uien.
- Opvolging: Gooi het overgebleven slib op de composthoop. Bewaar de gier donker en koel.